Trainen met een hartslagmeter

Bij het passeren hoor ik je hartklep gieren. Ik hoor dat bij elke stap je hart in je keel bonkt. Inmiddels hangen je longen als twee gebruikte vuilniszakken ergens te bungelen in je ribbenkast. Ik zie het heus wel hoor!

Je hart is je belangrijkste spier in je lichaam. Als deze spier niet (meer) werkt, dan is het gedaan. Dat weet iedereen. Toch zie je veel hardlopers sjezen alsof hun leven ervan afhangt. Alles tot de max. Trainen heeft pas geteld als je kapot en gebroken thuis komst. Maar je hebt maar één hart, dus wees er zuinig op. Koop een hartslagmeter.

Niet dat de hartslagmeter heilig is, het registreert maar één enkele spier in het lichaam, maar het geeft wél houvast. Houvast om niet te hard te gaan; houvast om niet enkel en alleen te gieren; houvast om de conditie goed en verantwoord op te bouwen.

Natuurlijk is het belangrijk om van te voren een (lange termijn) trainingsdoel voor jezelf vast te leggen. Voor velen van ons zijn dat met name langere afstanden zoals een vijf km, een 10km of zelf halve- of zelfs hele marathon. En ja, juist hoe langer de afstand is, hoe rustiger er over het algemeen getraind moet worden.

Daarbij is een belangrijke graadmeter ‘het omslagpunt‘ of wel, de ‘Anaerobe Drempel’ een gebied in de hartslagzone waarbij het jouw lichaam niet meer lukt om de aangemaakte melkzuren in de spieren voldoende en goed af te voeren. Het melkzuur bouwt op en zal je onherroepelijk terugfluiten na een zeer korte periode. Hoe beter je in staat bent door training jouw omslagpunt te verhogen, hoe langer het duurt voordat je in deze verzurende zone komt. Er zijn talloze manieren om jouw omslagpunt bij benadering te berekenen. Het blijft bij echter een berekening en dus een ruwe schatting. Het beste resultaat krijg je door een meting te laten doen bij een sportarts, maar dit gaat de beginners onder ons vaak veel te ver. Mocht je nog geen behoefte hebben aan een sportmedisch onderzoek ga dan voor het gemak uit van 220 hartslagen min je leeftijd. (Ik ben 30 jaar en mijn maximale hartslag zou dus uitkomen op 190). Voor vrouwen kan er uitgegaan worden van 224. Tel ook eens je rustpols als je volledig ontspannen bent. In bed bijvoorbeeld of heel rustig voor de televisie. Het omslagpunt ligt voor ongetrainde mensen en sporters met een matige conditie rond de 80% van het maximaal aantal hartslagen. Het omslagpunt is te verhogen door de juiste manier van training

Train dus voor langere afstanden nooit (of echt maar heel zelfden) boven dit omslagpunt. Het opgebouwde melkzuur in de spieren heeft een lange hersteltijd nodig en daarnaast zal tijdens een (zeer)lange inspanning de hartslag eigenlijk nooit boven het omslagpunt uitkomen. Gebeurt dit te vaak tijdens een loop, dan zal je daar voor worden afgestraft. Het kan gebeuren dat je niet fatsoenlijk de eindstreep zult behalen.

Als je dus intervaltraining wil doen (wat een geweldige manier is om je uithoudingsvermogen, techniek en snelheid te verbeteren is) train dan jouw intervallen altijd tot het omslagpunt. Loop je elke keer boven het omslagpunt in de intervaltraining, dan zal je zien dat tijdens de laatste intervallen de snelheid drastisch naar beneden zal gaan.

Train ook lekker een keer zonder hartslagmeter. Stop onderweg gewoon een keer om naar een vogel te kijken of stil te staan bij het feit dat je een prachtige sport aan het beoefenen bent. Bekijk een visje in het water, probeer jezelf te ontspannen tijdens het lopen.

Afgedraaid thuis komen mag, maar doe dat mooi na jouw eerste wedstrijd.

Geniet ervan!

Bookmark the permalink.

Comments are closed